God laat ons meegenieten van zijn eigen geluk

VOL-gelukkige God

Door Karolien Lievense

Heb je er weleens over nagedacht dat God heel gelukkig is? Ik heb me dit nooit zo gerealiseerd. Ik zag Hem wel altijd als degene die ons gelukkig máákt, maar minder als iemand die zélf enorm gelukkig is. De achttiende-eeuwse prediker Jonathan Edwards zei ooit: “De volheid die God meedeelt, bestaat onder meer uit zijn geluk. Dit geluk betekent dat Hij zich verheugt in zichzelf en dat Hij geniet van zichzelf; in Hem vindt ook het schepsel zijn geluk.”

In zijn prachtige boek ‘De vreugde van God’ haalt John Piper deze woorden aan. Hij voegt er aan toe: “Het is goed nieuws dat God zo bijzonder gelukkig is. Niemand wil eeuwig leven met een ongelukkige God. Als God ongelukkig was, zou het Evangelie uiteindelijk ook niet erg gelukkig zijn, dan zou het Evangelie geen evangelie (= goede boodschap, KL) meer zijn.”

Om dit een beetje te kunnen begrijpen, maak ik er maar even een hele menselijke voorstelling van: hoe kan iemand die depressief is anderen blij maken? Het zijn vaak de mensen die blij zijn met zichzelf en van het leven genieten, die een zonnetje kunnen zijn voor anderen. Hoe kun je iets uitdelen dat je zelf niet hebt? Dat zal ook gelden voor God.

In de Bijbel staat ook veel geschreven over Gods vreugde en geluk. Piper haalt een aantal teksten aan. Hij noemt 1 Timotheüs 1:11 waar in feite wordt gesproken over “het goede nieuws over de glorie van de gelukkige God.” Ook in teksten als Johannes 15:11 en 17:13 spreekt Jezus over Gods vreugde die Hij in zich heeft en waarin Hij graag met mensen wil delen.

En het is waar: Jezus láát ons delen in Gods vreugde. Ik moet denken aan 1 Petrus 1:8, een tekst die ik zo mooi vind omdat deze zo goed weergeeft wat ik soms ervaar. Daar staat: “Hoewel u Hem niet gezien hebt, hebt u Hem toch lief. Hoewel u Hem niet ziet, maar gelooft, verheugt u zich met een onuitsprekelijke en heerlijke vreugde.”
We kunnen ongelooflijk blij worden van God en van zijn Zoon Jezus. Als ik denk aan Jezus, dan word ik warm vanbinnen. Tegelijkertijd is dit best vreemd. Het is niet gewoon om je te verheugen in iemand die je nog nooit hebt gezien en van wie je je niet eens een voorstelling kunt maken. Het laat tegelijkertijd zien hoe groot het geluk is dat God geeft. Want als we nú al zo blij zijn als we Hem niet eens zien, hoe ongelooflijk verheugd zullen we straks dan wel niet zijn, als we Hem wél zullen zien?
Ik stel me de hemel voor als een plaats waar we nooit genoeg krijgen van God, waar we als het ware steeds in één en al verwondering naar Hem kijken. Ik geloof dat we nooit op Hem uitgekeken raken.